Politieke partijen misbruiken jarenlang de provincies om hun werking te financieren
Lijst Dedecker heeft vastgesteld dat de politieke partijen al jarenlang illegale fondsen versassen uit de provincies om hun campagnes en partijwerking te financieren. Volgens LDD is op die manier al meer dan 25 miljoen euro in de partijkassen verdwenen. Het geld werd in alle provincies opgehaald en door alle partijen, maar dat gebeurde in overtreding met een ministeriële omzendbrief uit 2003, die bevestigd is door een Vlaams regeringsbesluit uit 2007.
Jean-Marie Dedecker, voorzitter LDD: “Uitgerekend op het ogenblik dat onze partij wordt gebroodroofd, blijken de andere partijen al jarenlang de provinciale opcentiemen te misbruiken voor het spijzen van hun dikgevulde partijkassen. De geldhonger van de gevestigde macht kent blijkbaar geen grenzen, en is er vooral op uit om elke vernieuwing in de politiek te voorkomen.”
Het is de kersverse LDD’er Jo Vanderstraeten, die provincieraadslid is en voorzitter was van de financiële vzw van OpenVLD Vlaams-Brabant, die het dossier aan het licht bracht. Hij vindt het ongehoord dat dezelfde politieke partijen die jarenlang in de provinciale kas graaien, nu meehelpen om LDD haar al zeer bescheiden middelen af te nemen.
Jo Vanderstraeten, LDD-provincieraadslid: “De oorsprong van de wanpraktijk ligt in 2001, toen de partijvoorzitters van de drie traditionele partijen OpenVLD, CD&V en sp.a de 5 Vlaamse provincieraden dwongen de dotaties voor de politieke fracties te verviervoudigen. Dit gebeurde wellicht omdat ze in het federale parlement geen verhoging meer durfden vragen, en ze de dotatie van het toenmalig Vlaams Blok wilden afnemen. In Vlaams-Brabant heeft de provincieraad dat lang geweigerd, maar we zijn uiteindelijk ook door de knieën moeten gaan. De verhoging van de partijdotaties moesten worden doorgestort naar Brussel. Dit tegen het duidelijk verbod van de omzendbrief Van Grembergen 02/2003, en van het Vlaams regeringsbesluit van 2007, die stellen dat de dotaties enkel kunnen gebruikt worden voor de werking van de provinciale fracties. En zeggen dat OpenVLD voorzitter Bart Somers toen nog Vlaams minister-president was…”
Jo Vanderstraeten: “Verleden zaterdag nog heeft de vzw OpenVLD Vlaams-Brabant beslist om 37.500 euro van de provinciale dotaties door te storten naar nationaal voor de regionale verkiezingscampagne van Patricia Ceysens. In 2006 werd er voor de partijwerking 30.000 euro doorgestort, en voor de federale verkiezingen van 2007 was dat maar liefst 125.000 euro. Alleen al in Vlaams-Brabant zal Open VLD in 3 jaar bijna 200.000 euro illegale partijfinanciering hebben geïnd. Ik maak me daarbij nog sterk dat de vzw van OpenVLD Vlaams Brabant het minimum minimorum heeft doorgestort.”
Volgens Lijst Dedecker is de illegale financiering van Open VLD daarom maar het topje van de ijsberg. In alle andere Vlaamse provincies zijn de partijdotaties vanaf 2002 verviervoudigd, en alle partijen werkten met het systeem. LDD berekende dat het jaarlijks om zo’n 4 miljoen euro gaat, waarvan misschien een vierde echt voor de werking van de provincieraad dient. De rest gaat naar zuivere partijwerking, en naar federale of regionale campagnes.
LDD-partijsecretaris Peter Reekmans: “Geen wonder dat de traditionele partijen de provincies niet willen afschaffen, welke boer slacht nu één van zijn beste melkkoeien? LDD zal de provinciegouverneur interpelleren omdat zowel de Vlaamse wetgeving als het provinciaal reglement zijn overtreden. Het geld dat ten onrechte uit de provincie Vlaams Brabant is doorgeschoven moet onmiddellijk worden teruggestort. Hetzelfde moet gebeuren in alle andere provincies, en voor alle partijen, wat voor de periode 2002 tot 2009 zeker meer dan 25 miljoen euro moet opbrengen. En daarmee kunnen de provinciale opcentiemen meteen worden verlaagd.”
Jean-Marie Dedecker, voorzitter LDD : “ Het is schrijnend onrechtvaardig dat in deze verkiezingstijd zo’n misbruiken worden gedoogd. Bij Lijst Dedecker moeten wij met eigen spaarcenten opboksen tegen partijen die ons met illegale centen bekampen en tegelijk wordt onze kleine wettelijke dotatie voor de LDD-kamerfractie in vraag gesteld. We kunnen dit onrecht alleen aanklagen, en ons troosten met het idee dat de kiezers het misschien zullen onthouden, want zij hebben het allerlaatste woord. “
