In de pers: Niet Fedasil, maar de regering moet voor de rechter staan
In België is er een asielprobleem, omdat ons beleid nieuwkomers aantrekt én omdat de procedures hier te gemakkelijk misbruikt kunnen worden, schrijft Jean-Marie Dedecker. Daardoor is er simpelweg te veel instroom. Dat er te weinig opvangplaatsen zijn, is dus niet de schuld van Fedasil, maar van de regering.
Als de overheid zelf een dijkbreuk organiseert, helpt het niet om snel grachten te delven om de instroom op te vangen
De aanzuigkracht van ons asielbeleid overschrijdt al lang de saturatiedrempel. Het helpt niet opvangplaatsen bij te zoeken in hotels of elders, zolang de wet niet verandert of wordt toegepast. Niet Fedasil moet voor de rechter staan, maar de federale regering, voor schuldig verzuim.
Een kwart van alle opvangplaatsen wordt ingenomen door mensen van wie de asielaanvraag is afgewezen, maar die steevast in beroep gaan. De carrousel van meervoudige aanvragen door één en dezelfde persoon draait als een mallemolen. De overheid betaalt daarvoor pro-Deoadvocaten, om tegen haarzelf te procederen.
Een ander kwart zoekt opvang omdat een nieuw lucratief gat in de asielmarkt is ontdekt. Kinderen die hier illegaal met hun ouders verblijven en van wie het OCMW vaststelt dat het gezin niet in zijn levensonderhoud kan voorzien, hebben recht op materiële opvang tot het jongste kind achttien jaar is. Wie hier komt met een kind van twee, kan het dus zestien jaar uitzingen. Na drie jaar verblijf zet je dan de snel-Belgwetprocedure op gang, en met de steun van een betogend schoolklasje dat het – net als ik – immoreel vindt dat je kinderen na al die jaren nog het land uitzet, word je Belg. Na de naturalisatie komt de volgmigratie voor de familieleden op gang en wordt het dweilen met de kraan open.
Ons onderwijs is gratis, ook voor wie hier illegaal verblijft. Ons arbeidsbeleid is genereus voor nieuwkomers. Meer dan 42.000 werklozen die uit niet-EU-landen komen krijgen een uitkering, terwijl er 61.000 vacatures niet raken ingevuld. Een Turkse migrant van 39 jaar oud kan hier al na één dag arbeid van een werkloosheidsuitkering genieten, onbegrensd in de tijd, als hij maar kan bewijzen in zijn thuisland langdurig te hebben gewerkt. Een Belg van dezelfde leeftijd daarentegen moet eerst 468 dagen in loondienst gewerkt hebben. De wetgever luidt met deze sociale zekerheidsmigratie zelf het einde van onze sociale zekerheid in.
Elke vreemdeling, zonder wettig verblijf, uitgeprocedeerd of clandestien heeft hier ook recht op gratis medische verzorging. De term ‘dringende medische hulp’ (DMH) is een containerbegrip voor alles: in-vitrofertilisatie, hiv-medicatie, logopedie of kine, daarover mag het OCMW beslissen.
De laksheid van het controlebeleid, het gebrek aan uniforme regels en de lacune in onze wetgeving hebben een nieuwe vorm van medische immigratie en zorgverkeer op gang gebracht, ontdekt door mensenhandelaars en zelfs aangemoedigd door bepaalde ngo’s, dokters en advocaten.
Tussen augustus 2006 en juli 2007 heeft het OCMW van Antwerpen per maand gemiddeld 730 aanvragen aanvaard onder de procedure DMH voor mensen zonder wettig verblijf. In de Scandinavische landen en Duitsland bestaat die DMH voor illegalen niet. Maar bij ons leidt langdurige ziekte in de asielprocedure quasi automatisch tot regularisatie en naturalisatie. De tamtam van dit beleid roffelt tot ver buiten de grenzen.
Door de aanzuigkracht van de snel-Belgwet, de ongebreidelde gezinshereniging en een misbruikgevoelig asielbeleid, werd niet alleen onze nationaliteit in de solden gezet, maar ook ons socialezekerheidsstelsel. De overheid organiseert zelf een dijkbreuk. Het helpt dan niet om grachten te delven om de instroom op te vangen, op het einde wacht een langzame verdrinkingsdood.
Een nieuw generaal pardon voor 50 tot 100.000 illegalen zou al helemaal een knieval zijn voor het latente misbruik van asiel, en een goedkeuring van de bloeiende mensenhandel. Een dergelijk pardon creëert een aanzuigeffect en beloont onwettelijkheid.
De modale Vlaming is niet racistisch of discriminerend. Maar hij is terecht bezorgd dat zijn sociaal systeem, waar generaties hebben voor gespaard, wordt uitgehold door mensen die er nooit toe hebben bijgedragen. De gijzelnemers van dit systeem zijn politici die bang zijn discriminatie verweten te worden en daardoor stemmen te verliezen.
Bron: De Standaard, 15/07/’09



