In de pers: Elitetroepen wilden Pompei bevrijden maar konden niet
De speciale eenheden van de federale politie -nochtans de absolute elitetroepen- konden het gekaapte schip Pompei niet gaan bevrijden omdat ze daar de middelen niet voor hadden. Ons land kon niet anders dan losgeld betalen. Dat blijkt uit een uitgelekte nota, die leest als een Belgenmop. Volksvertegenwoordiger Paul Vanhie (LDD) heeft hierover een parlementaire vraag ingediend.
Half april werd ons land opgeschrikt door het nieuws over de kaping van het eerste Belgische schip door Somalische piraten. Nadat de Pompei maandenlang gegijzeld werd, kwam eind vorige maand dan het goede nieuws. De bemanning was gered. Dat daarvoor wel een smak losgeld moest worden betaald – tussen 1,5 en 2 miljoen euro – leek al snel bijzaak. Officieel klonk het altijd dat onderhandelen en betalen de enige optie was voor ons land. Nu blijkt ook waarom: we konden niet anders. Voor een plan B – de piraten overmeesteren – waren noch de financiële noch de logistieke middelen voorhanden. Nochtans is er heel even aan gedacht om over te gaan tot actie. Maar dat plan belandde al snel in de vuilbak wegens ‘niet haalbaar’. Dat alles blijkt uit een interne nota die de speciale eenheden van de federale politie vlak na de bevrijding van de Pompei opstelden. Het interventieteam zelf wilde maar al te graag een operatie in gang zetten, maar tot hun grote ergernis was het in de praktijk geen haalbare kaart. Het was losgeld betalen, of anders niets. Iets wat sommigen nu bijzonder hoog zit. Zo wordt in de nota onder meer gesproken over problemen met de bewapening. Om de piraten te kunnen overmeesteren, moest het interventieteam over wapens met kaliber 5.56 beschikken. Maar die waren niet voorhanden. Toen niet en nu nog altijd niet. De speciale eenheden hebben enkel 9 mm-wapens, met een veel kleinere penetratiekracht. Even werd er nog aan gedacht bij de Duitsers te gaan aankloppen, maar daarvoor waren er dan weer praktische bezwaren: als ze dan geholpen zouden worden, was er toch nog niet genoeg geoefend met die krachtigere wapens. Ander probleem: onze speciale eenheden beschikten voor Operatie Pompei over onvoldoende nachtkijkers. Ze hebben vier sets, terwijl ze voor de operatie er al vlug veertig nodig zouden hebben. Hetzelfde met de reddingsvesten: ze beschikken momenteel over twintig sets, terwijl ze er minstens veertig nodig hadden om de kapers van de Pompei te overmeesteren. Al even opmerkelijk is dat, zoals de procedure voorschrijft, twee officieren bij het begin van de gijzeling naar de regio afreisden. ‘Al die tijd dat ze daar waren, moesten ze afwachten’, zegt Kris Daels, ex-undercover en politiespecialist bij Lijst Dedecker. ‘Erger nog, een maand na hun verblijf in Djibouti, vlak bij Somalië, was hun reisvisum verstreken. Een verlenging zat er om een of andere reden niet meer in. En de collega’s die hen wilden aflossen, konden plots ook niet meer over een geldig visum beschikken.’ Toen Guido De Padt (OpenVLD) nog minister van Binnenlandse Zaken was, liet die al verstaan dat ons land in uitzonderlijke crisissituaties altijd op de grote, Europese politiesamenwerking ATLAS kan rekenen. Maar vreemd genoeg, voor de bevrijding van de Pompei was ook dat geen optie. ‘De Duitse evenknie van onze speciale eenheden, de GSG9, was nochtans in diezelfde periode met volle getalsterkte aanwezig’, aldus Daels. ‘Zij waren zich aan het voorbereiden op een gelijkaardige interventie, maar dan op een ander schip.’ Waarom ze niet hielpen bij de Pompei blijft voorlopig een vraagteken. De Padts opvolger, Annemie Turtelboom (OpenVLD), schuift de hete aardappel door naar het Crisiscentrum, waar ze ‘verbaasd zijn dat de nota kon uitlekken’ maar er niet dieper op willen ingaan. Volksvertegenwoordiger Paul Vanhie (LDD) heeft er op zijn beurt een parlementaire vraag over ingediend.
Bron: Het Nieuwsblad, 23/07/’09



